Er zijn van die documenten die je normaal gesproken netjes in een dossier stopt. Afgevinkt, ingediend en weer door. Een PE-plan is daar een goed voorbeeld van. Het hoort erbij, het moet, en eerlijk gezegd: het is zelden iets waar je echt lang bij stilstaat.
Dit jaar heb ik dat anders gedaan.
Omdat 2026 voor mij geen standaard jaar is. Het is het jaar waarin mijn rol verschuift. Waarin ik afscheid neem van de klassieke rol als externe accountant en mij nadrukkelijker ga bewegen richting board advisor, klankboord voor Coney Minds team en verder ga nadenken over integratie technologie binnen mijn werkveld. En juist dan voelt het vreemd om een PE-plan te schrijven alsof alles “business as usual” is.
Dus in plaats van een lijst met cursussen en punten, heb ik mezelf één vraag gesteld:
Wat moet ik dit jaar écht leren om relevant te blijven?
Het antwoord kwam verrassend snel. En was tegelijk ongemakkelijk simpel: AI en het DNA van de accountant.
Niet nóg een AI-verhaal
Laat ik maar meteen eerlijk zijn. Ik heb een haat-liefdeverhouding met Generatieve AI. Daar gaat mij PE-plan ook over. Niet over AGI – Artificial General Intelligence -daar zijn we simpelweg nog niet.
Aan de ene kant fascineert generatieve AI me enorm. De snelheid. De schaal. De manier waarop generatieve AI in staat is om structuur aan te brengen in chaos. We werken er bij Coney Minds inmiddels een paar jaar mee en het helpt ons dagelijks ; bij schrijven, structureren, analyseren van teksten.
Maar aan de andere kant schuurt het ook. De term AI is nu een container begrip, vroeger ging AI over zelflerend, zelf duidend, nu is zelfs data-analyse plotsklap gepromoveerd tot AI.
Omdat ik zie hoe snel AI wordt neergezet als oplossing voor alles. Personeelstekorten? AI. Auditkwaliteit? AI. Efficiëntie? AI. Het voelt soms alsof we collectief hebben besloten dat dit hét antwoord is, zonder eerst goed te begrijpen wat de vraag eigenlijk was.
En misschien nog belangrijker: zonder eerlijk te kijken naar waar het in onze sector al jaren wringt.
Verder met #genAI (generatieve AI; de LLM’s)
De spiegel die #genAI ons voorhoudt
Wat de discussie over AI in bredere zin nu doet, is ons een spiegel voorhouden.
Het laat zien dat veel auditprocessen nog steeds niet echt data gedreven zijn. Dat data vaak versnipperd is. Dat we nog verrassend veel handmatig doen. En dat we technologie soms gebruiken als cosmetische laag, in plaats van als fundamentele verandering.
Dat is geen technologieprobleem. Dat is een vakprobleem.
En precies daarom heb ik ervoor gekozen om #genAI niet als hype te benaderen, maar als leerdoel. Niet om “mee te doen”, maar om te begrijpen waar het wél en waar het níet werkt in auditing en assurance.
Ik wil weg van het gesprek over AI als buzzword, en toe naar concrete toepassingen beperkt tot #genAI. Waar voegt het echt waarde toe? Waar creëert het vooral schijnzekerheid? En hoe verhoudt het zich tot onze professionele standaarden en oordeelsvorming?
Dat zijn de vragen die mij dit jaar bezighouden.
Een groter risico dan fouten maken
Wat me misschien nog wel meer bezighoudt, is een ander risico. Niet dat #genAI-fouten maakt , dat doen wij ook , maar dat wij stoppen met nadenken.
Ik zie het steeds vaker gebeuren. Een model geeft een logisch antwoord, en we nemen het over. Een dashboard kleurt groen, en we voelen ons comfortabel. Zonder dat we nog echt de moeite nemen om te begrijpen wat eronder zit.
Dat is voor mij de kern van het probleem: cognitive surrender.
En dat raakt direct aan het tweede thema van mijn PE-plan: het DNA van de accountant.
Terug naar de kern van het vak
Want als #genAI ergens goed in is, dan is het in het stellen van een ongemakkelijke vraag: wat blijft er eigenlijk nog over van ons vak?
Wat is typisch menselijk en dus niet te automatiseren?
Voor mij zit dat in professioneel oordeel. In het vermogen om twijfel toe te laten. Om door cijfers heen te kijken en de economische realiteit te begrijpen. Om vragen te stellen waar anderen stoppen.
Dat klinkt misschien vanzelfsprekend, maar in de praktijk is het dat niet.
We zijn als beroepsgroep gewend geraakt aan structuur. Aan standaarden. Aan processen. En dat heeft veel gebracht – kwaliteit, consistentie, controleerbaarheid. Maar het heeft ons soms ook een beetje lui gemaakt in het denken.
#genAI versterkt dat risico.
En daarom wil ik dit jaar juist scherper krijgen wat ons vak in de kern is. Niet wat we doen, maar waarom we bestaan.
De accountant als gesprekspartner
Een ander inzicht dat voor mij steeds duidelijker wordt, is dat onze rol verandert. Niet alleen inhoudelijk, maar ook in hoe we ons positioneren.
CFO’s, RvC’s en bestuurders worstelen met dezelfde vragen als wij. Wat betekent #genAI voor besluitvorming? Voor governance? Voor betrouwbaarheid van informatie?
En ik merk dat er steeds vaker naar ons wordt gekeken, niet voor het antwoord, maar voor de duiding.
Dat vraagt iets anders dan een controleverklaring.
Het vraagt dat je complexe thema’s begrijpelijk kunt maken. Dat je kunt uitleggen waar de risico’s zitten, zonder te vervallen in technisch jargon. Dat je het gesprek kunt voeren op strategisch niveau. Dat is geen vanzelfsprekende vaardigheid. En dus ook een leerdoel.
Waarom ik dit publiek deel
Misschien is dit het moment om even stil te staan bij de titel van deze blog.
“Hierbij mijn PE-plan 2026.”
Dat is niet alleen een praktische mededeling. Het is ook een bewuste keuze.
Omdat ik vind dat we als sector te weinig delen waar we écht mee bezig zijn. We publiceren vaktechnische stukken, schrijven over regelgeving en praten over kwaliteit. Maar de onderliggende zoektocht – die blijft vaak onder de radar.
Terwijl dit juist interessant is.
Dit plan is geen eindpunt. Het is een momentopname. Een richting. En door het te delen, maak ik mezelf ook een beetje kwetsbaar. Want alles wat hier staat, moet ik straks ook waarmaken.
Van plannen naar doen
De concrete invulling van dit PE-jaar is eigenlijk vrij simpel.
Ik neem deel aan het academische debat via de Foundation for Auditing Research. Ik schrijf blogs over AI en het DNA van de accountant. Ik organiseer en bezoek bijeenkomsten met CFO’s en toezichthouders. En ik besteed tijd aan zelfstudie en het ontwikkelen van onze auditmethodologie.
Alles bij elkaar goed voor zo’n 40 uur.
Maar eerlijk gezegd gaat het daar niet om.
Het gaat erom dat al die activiteiten bijdragen aan één ding: het scherper krijgen van mijn eigen visie en het vertalen daarvan naar de praktijk. Binnen Coney Minds, richting klanten en in het bredere vakgebied. Om #genAi en AGI-ontwikkelingen te splitsen. Ik geloof wel in de stap van Machine Learning naar uiteindelijk zelflerende, zelf duidende, AI-algoritmes die audits uitvoeren, maar daar zijn we nog lang niet,
De les van de afgelopen jaren
Als ik terugkijk op de afgelopen jaren, dan is één ding me duidelijk geworden.
Experimenteren met technologie is makkelijk. Iedereen kan een tool uitproberen, een demo bouwen of een pilot draaien. En vaak ziet dat er indrukwekkend uit.
Maar de echte uitdaging zit ergens anders.
In het daadwerkelijk veranderen van hoe je werkt. In het integreren van technologie in je processen. In het meenemen van mensen. In het maken van keuzes. En misschien wel het moeilijkst: in het durven stoppen met dingen die niet meer werken.
Dat is geen technologisch vraagstuk. Dat is leiderschap.
Een ongemakkelijke conclusie
En dan kom ik terug bij waar ik begon.
Dit PE-plan is voor mij geen administratieve verplichting, maar een manier om mezelf scherp te houden in een vak dat in beweging is. En misschien ook wel een manier om een punt te maken.
#genAI gaat ons vak niet redden, maar AGI gaat ons vak drastisch veranderen.
Niet zolang we blijven werken alsof het 1995 is. Niet zolang we technologie zien als oplossing in plaats van als middel. En niet zolang we vergeten dat de kern van ons vak ligt in menselijk oordeel.
Dat is misschien geen populaire boodschap. Zeker niet in een tijd waarin alles sneller, slimmer en geautomatiseerder moet.
Maar het is wel de enige boodschap waar ik echt in geloof.
Verdieping, maar ook zoekende
2026 wordt voor mij een jaar van verdieping. Van keuzes maken. Van opnieuw definiëren wat het betekent om accountant te zijn in een data-gedreven wereld.
Dit PE-plan is daar het begin van. Eigenlijk ook een signaal dat ik zoekende ben, waar beweegt het vak zich echt naar toe?
Niet perfect. Niet volledig. Maar wel eerlijk.
En misschien is dat precies wat we als vak nodig hebben.